Sallum (hebreeuws sallūm, 'betaling'), naam van twee koningen in het oude Israel.
(1) Sallum, zoon van Jabes. Hij usurpeerde in 746 vC het koningschap na Zekarja vermoord te hebben. Hij werd zelf een maand later in Samaria om het leven gebracht door Menachem (2Kg 15,10-15).
(2) Sallum, zoon van Josia,
die hem als koning in
609 vC opvolgde. Daarbij nam hij de naam
Joahaz aan. Hij werd reeds na drie maanden
door de farao afgezet en naar Egypte gedeporteerd
(2Kg 23,31-34; 2Kr 36,1-4).
[Beek]