Geb, egyptische god van de aarde. Volgens de kosmogonie van On-Heliopolis is hij een lid van de enneade, samen met zijn echtgenote Nut, die de hemel verpersoonlijkt (Negental). Zoals zijn zoon Osiris wordt hij, bijvoorbeeld door de 'Koningspapyrus' van Turijn, tot de goden-koningen gerekend die vóór de historische koningen over Egypte geregeerd hebben. De oergod Atum heeft hem tot zijn erfgenaam gemaakt in de hoedanigheid van rp'.t of 'erfvorst' van de goden. Daarom ook zit de egyptische koning op 'de troon van G.' en het koningschap wordt 'de erfenis van G.' genoemd. Op de wijze van de andere kosmische goden wordt G. gewoon als mens, zonder bijzondere attributen, afgebeeld.
Zo bijvoorbeeld in ANET nr. 542, waar hij op de grond ligt, terwijl Nut, op handen en voeten steunend, boven hem omhooggehouden wordt door hun beider vader Sju, de lucht. Toch is G. soms gesierd met een ingewikkelde atef-kroon en zijn naam wordt met het ideogram van de gans geschreven. Door de Grieken werd hij met Kronos geïdentificeerd en als dusdanig speelt hij een rol in de onomastiek.
Lit. RÄR 201-203. C. E. Holm, Griechisch-ägyptische Namenstudien
(Diss. Göteborg, Uppsala 1936).
[Vergote]