
Yehudiyeh, puinheuvel, ca 25 km ten noordoosten
van Kairo aan de oostelijke rand van de Nijldelta
gelegen, bestaande uit een op één plaats onderbroken
U-vormige wal, met een klein heuveltje daarvoor,
en uit een iets grotere heuvel ten oosten van
de wal. Y. staat o.a. bekend als de plek waar de
joodse hoge riester Onias, na uit Jeruzalem verdreven te zijn
(vgl. Makkabeeën 1 en 2) met zijn aanhang
hoogstwaarschijnlijk een toevluchtsoord vond.
In de ramessidische periode (ca. 1300-1075 vC) stonden
er enkele heiligdommen.
Het belangwekkendst zijn echter de resten uit de
periode van de Hyksos (voor Egypte ca. 1700-550
vC). De wal zelf is daar het voornaamste uiterlijke
kenmerk van. Hij vertoont namelijk grote
overeenkomsten met dergelijke constructies in Palestina
en Syrië, zoals bv. Hazor uit ongeveer dezelfde
periode. Deze wallen worden nu vrij algemeen
als verdedigingswerken beschouwd. Het van
de voorafgaande verdedigingsconstructies afwijkende
karakter ervan, met als voornaamste kenmerk
een helling van 30°-40°, zou dan gezien moeten worden
als een innovatie ter bescherming tegen ondermijning enz.
De bij opgravingen gedane vondsten in Y. vertonen
dan ook veel overeenkomsten met gelijktijdig materiaal
uit Palestina en Syrië: qua ceramiek (met name
het naar deze vindplaats genoemde karakteristieke
Y.-aardewerk), het type scarabeeën, de bronzen
voorwerpen; kenmerkend voor beide is ook het in
hurkhouding begraven van de doden. Uit opgravingen
bij het noordelijker gelegen Tell Ed-dab'a blijken
eveneens grote overeenkomsten met Y.
Lit. R. du Mesnil du Buisson, Compte-Rendu Sommaire d'une Mission
à Tell el Yahoudiyé (Bulletin e l'Institut Français d'Archéologie
Orientale 29, 1929, 155-178). E. Naville, The Mound of the Jew
and the City of Onias (London 1890) - W. M. F. Petrie, Hyksos and
Israelite Cities (London 1906).
[van Haarlem]