Annales

Annales (libri), letterlijk 'jaarboeken, kronieken', was de latijnse benaming voor een historisch geschrift dat jaar voor jaar de feiten in chronologische volgorde zonder meer noteert. De beoefenaars van dit genre heten annalisten. Later werd de naam Annales ook gebruikt als titel voor geschiedwerken van andere aard. Vanaf de 4e eeuw vC werd jaarlijks in de ambtelijke residentie van de pontifex maximus aan de oostzijde van het forum een wit bord (album) opgesteld, waarop de namen van de magistraten en de belangrijkste gebeurtenissen van het jaar met vermelding der data werden opgetekend: voortekenen, natuurrampen, zons- en maansverduisteringen, belangrijke offers, triomftochten enz. (tabulae pontificum). Dit gebruik werd afgeschaft door de hogepriester Publius Mucius Scaevola tussen 131 en 114 vC.

In deze tijd valt waarschijnlijk de redactie, misschien door Mucius Scaevola zelf, van de z.g. Annales maximi (Grote jaarboeken) in 80 boeken, die een samenvatting en wellicht ook een nadere uitwerking van de tabulae der pontifices bevat zouden hebben, maar over welker inhoud vrijwel niets bekend is. Voor de eerste romeinse geschiedschrijvers vormden de tabulae en de Annales maximi de voornaamste bron van inlichtingen. Ze namen ook de kroniek vorm der Annales over en noemden hun werken gewoonlijk ook Annales. De latijnse literatuurgeschiedenis maakt onderscheid tussen de oudere en de jongere annalisten. Tot de eerste groep (2e eeuw vC) behoren o.a. Cassius Hemina, Calpurnius Piso Frugi, Sempronius Tuditanus, Gellius en Fannius, tot de tweede, uit de tijd van Sulla, Claudius Quadrigarius, Valerius Antias, Licinius Macer en Aelius Tubero, die een belangrijke bron voor Livius' grote geschiedwerk zijn geweest. Door Varro en Ennius werd de titel Annales ook gebruikt voor geschiedwerken die niet de kroniekvorm kozen. Tacitus' Annales heten eigenlijk Ab excessu Divi Augusti libri XVI (16 boeken vanaf het verscheiden van de goddelijke Augustus).

Ook in de middeleeuwen en de renaissance, zelfs tot in de 19e eeuw is het genre der A. druk beoefend.


Lit. C. Cichorius (PRE 1, 2248-2256). GRL14 28-32. - E. Kornemann, Der Priesterkodex in der Regia (1912). U. Knoche, Roms älteste Geschichtsschreibung (Neue Jahrbücher für Antike und deutsche Bildung 2, 1939, 193-207). J. Crake, The Annals of the Pontifex Maximus (Classical Philology 35, 1940, 375-386). [Nuchelmans]


Register