Scribonius


munt
Denarius van L. Scribonius Libo (62 vC) kop van
Bonus Eventus; keerzijde: PVTEAL boven,
SCRIBON onder, hoofd v.e.bron
Scribonius naam van een plebejische romeinse gens met als voornaamste families de Curiones en de Libones. Vermelding verdienen de volgende leden.

(1) Gaius Scribonius Curio (pater) verwierf bekendheid als politicus en als redenaar. In 101 vC stelde hij zich op tegenover Saturninus; later trad hij op als medestander van Marcus Livius Drusus. Na in 90 vC volkstribuun geweest te zijn trok hij met Sulla naar het Oosten. Zijn consulaat (76) werd gekenmerkt door zijn verzet tegen het herstel van de tribunicische macht. Als proconsul bestuurde hij daarop Macedonië, waar hij de Dardaniërs versloeg en ver naar het noorden oprukte. In 66 pleitte hij voor de toekenning van het opperbevel tegen Mithridates aan Pompeius. Naderhand steunde bij Verres en pleitte hij in diens proces voor Clodius. In 58 echter sloot hij vriendschap met Cicero. Fel waren zijn aanvallen op Pompeius (56) en Caesar, tegen wie hij zich in dialoogvorm richtte (55). Hij overleed in 53 vC.


Lit. F. Münzer (PRE 2A, 862-867). - H. Malcovati, Oratorum Romanorum fragmenta liberae rei publicae³ 1 (Turijn 1953) 297-303. - E. S. Gruen, Political Prosecutions in the 90's B.C. (Historia 15, 1966, 32-64). W. C. McDermott, Curio Pater and Cicero (American Journal of Philology 93, 1972, 381-411).


(2) Gaius Scribonius Curio (filius), zoon van vorige S., was in zijn jeugd betrokken bij de samenzwering van Lucius Vettius. Na zich aanvankelijk tegen Caesar en Pompeius gekeerd te hebben liet hij zich bij zijn verkiezing tot volkstribuun (50 vC) door Balbus voor Caesar omkopen. Tegen de pogingen van de senaat om Caesar uit Gallië terug te roepen pleitte hij voor een gelijktijdig afdanken van de legers door Pompeius en Caesar. Hij was het ook die diens ultimatum aan de consuls overbracht. In de burgeroorlog vluchtte hij eerst met Antonius naar Ravenna.

Nadat hij daarop Sicilië voor Caesar had gewonnen, stak hij vandaar over naar Africa. Hier leed hij, na aanvankelijke successen, tijdens het beleg van Utica een vernietigende nederlaag bij een poging een door Juba van Mauretanië gezonden ontzettingsleger te overrompelen; hierbij vond hij zelf de dood. S. was een zeer begaafd redenaar, een dapper militair en een loyaal aanhanger van Caesar.


Lit. F. Münzer (PRE 2A, 867-876). - H. Malcovati, Oratorum Romanorum fragmenta liberae rei publicae 1 (Turijn 1953) 510-512. H. J. Glücklich, Rhetorik und Führungsqualität. Feldherrnreden Caesars und Curios (Der altsprachliche Unterricht 18, 3, 1975, 33-64). - J. Linderski, The Aedileship of Favonius, Curio the Younger, and Cicero's Election to the Augurate (Harvard Studies in Classical Philology 76, 1972, 181-200). K. Raaflaub, Zum politischen Wirken des caesarfreundlichen Volkstribunen am Vorabend des Bürgerkrieges (Chiron 4, 1974, 293-326).


(3) Lucius Scribonius Libo, broer van Octavianus' echtgenote Scribonia en schoonvader van Sextus Pompeius. Als diens vlootbevelhebber streed hij in 49/48 vC met succes tegen de strijdkrachten van Caesar. Na de slag hij Pharsalus (48) trok hij zich terug uit de actieve politiek om daarin na Caesars dood (44) terug te keren. In 43 werd hij echter geproscribeerd en vluchtte naar Sextus Pompeius, namens wie hij in 40 met Marcus Antonius onderhandelde. Zijn bemiddeling tussen Pompeius en Octavianus leidde in 39 tot het accoord van Misenum. Na zijn schoonzoon nog naar Azië vergezeld te hebben sloot hij zich echter, toen hij inzag dat diens strijd uitzichtloos was, aan bij Marcus Antonius, waarna hij in 34 vC het consulaat bekleedde.


Lit. F. Münzer (PRE 2A, 881-885).


(4) Marcus Scribonius Libo Drusus, zoon van vorige S. en van Sextus Pompeius' dochter Pompeia. Zijn proces wegens verraad (16 nC) was het eerste in zijn soort tijdens de regering van Tiberius. Zijn door Tacitus (Annales 2, 27-32) betwijfelde schuld is nog steeds omstreden. Daar zijn verzoek om genade geen succes had, pleegde hij tijdens het proces, tegen de raad van zijn tante Scribonia in, zelfmoord.


Lit. M. Fluss (PRE 2A, 885-887). - E. J. Weinrib, The Family Connections of M. Livius Drusus Libo (Harvard Studies in Classical Philology 72, 1967, 247-278). D. C. A. Shotter, The Trial of M. Scribonius Libo Drusus (Historia 21, 1972, 88-98). [A. J. Janssen]


(5) Scribonius Largus, romeinse arts en auteur van geneeskundige werken uit de eerste helft van de 1e eeuw nC. Hij was nauw verbonden met het hof van keizer Claudius (41-54 nC), die hij in 43 nC vergezelde op diens expeditie naar Britannia en aan wiens secretaris Callistus hij zijn bewaard gebleven receptenverzameling Compositiones opdroeg. Dit werkje, waarin door de schrijver wordt benadrukt dat hij uitgaat van ervaringsgegevens en dat in later tijd o.a. is benut door Marcellus Empiricus, bevatte oorspronkelijk - enkele zijn verloren gegaan 271 recepten ter genezing van alle mogelijke lichamelijke kwalen en tegen de schadelijke werking van allerlei soorten vergif.


Lit. G. Helmreich, Scribonii Largi Compositiones (Leipzig 1887). - F. Kind (PRE 2A, 876-880). GRL 2, 793-795. - K. Deichgräber, Professio medici. Zum Vorwort des S. Largus (Abhandlungen Akad. Wiss. Mainz, Geistes- und Sozialwissenschaftliche Klasse 1950, 9). [Brouwers]


Lijst van Namen