Semiarianisme, latere aanduiding voor de leringen
van een groep gematigde arianen in de 4e eeuw
(vanaf ca. 356), die het strenge arianisme (Arius)
verwierpen. Ze gebruikten meestal voor de Zoon
niet de aanduiding homo-ousios
('gelijk van wezen',
nl. met de Vader) volgens het Symbolum Nicaenum,
maar homoe-ousios (ὁμοιούσιος, 'van overeenkomstig
wezen'). De voornaamste vertegenwoordigers
waren Basilius van Ancyra,
Macedonius
van Constantinopel en Gregorius van Laodicea.
Lit. E. Amann (DTC 14, 1790-1796). - J. Gummerus, Die
homöusianische Partei bis zum Tode des Konstantius. Ein
Beitrag zur Geschichte des arianischen Streites in den Jahren
356-361 (Helsinki 1900). G. Rasneur, L'homoiousianisme dans
ses rapports avec l'orthodoxie (RHE 4, 1903, 189-206, 411-431).
H.-G. Beek, Kirche und theologische Literatur im byzantinischen
Reich (München 1959) 52v.
[Bartelink]