Synagoge (συναγωγή, letterlijk 'bijeenkomst'), naam voor het gebouw waar de Joden samenkwamen en samenkomen voor de godsdienstoefening. Daarom werd ook de benaming προσευχή, 'gebed', gebruikt, die in Hand 16, 13 en 16 voorkomt en in Rome de gewone naam voor het bedehuis was. Over de oorsprong van het gebouw is niets bekend; het meest waarschijnlijk is dat de diaspora en de ballingschap het vormgevend milieu hebben geboden.
Langzamerhand is de s. tot het leerhuis geworden waar bevoegden onderricht gaven. Daarom sprak men van 'het huis van onderzoek' en in het jiddisch van de 'sjoel' (afgeleid van het latijnse schola). De inrichting van de s. is een weerspiegeling van de tempel. Recht tegenover de ingang bevindt zich de ark als bewaarplaats van de thora-rollen, van het publiek gescheiden door een voorhangsel. Tussen de ark en de gemeente is de bima, een podium met een katheder vanwaar de Schrift wordt gelezen en uitgelegd. Evenals in de tempel van Jeruzalem zijn de vrouwen en de mannen gescheiden en moeten de eersten zich op afstand houden. Volgens de rabbijnse voorschriften moet de bouw van de s. naar Jeruzalem gericht zijn, maar in de praktijk heeft men zich daaraan niet altijd gehouden.
De dienst heeft een vaste liturgie tussen de gebeden en de priesterlijke zegen (vgl. Nm 6, 24-26). Er wordt thora gelezen in een jaarcyclus met aansluitend gedeelten uit het overige OT. De eenvoudige liturgie is later uitgebreid met gebeden en liederen; zij is van grote invloed geweest op de christelijke eredienst.
De s. heeft de schok opgevangen die de verwoesting
van de tempel in 70 nC heeft veroorzaakt en heeft
tegelijk in de hele wereld de gedachten van de vromen
op Jeruzalem gericht. Zo is de s. een samenbindend,
inspirerend en conserverend element geworden.
Lit. F. Krauss (PRE 4A, 1286-1316). W. Schrage (ThW 7, 798-839).
- L. Elbogen, Der jüdische Gottesdienst in seiner geschichtlichen
Entwicklung³ (Frankfurt a.M. 1931 = Hildesheim 1962). L. Rost,
Die Vorstufen von Kirche und S.² (Darmstadt 1967). S. de Vries,
Joodse riten en symbolen² (Amsterdam 1968) 13-46. K. Hruby, Die
S. Geschichtliche Entwicklungen einer Institution (Zürich 1971). H.
Knippenberg, Garizim und S. Traditionsgeschichtliche Untersuchun
en zur samaritanischen Religion der aramäischen Periode
(Berlin/New York 1971). J. Gutmann, The Synagogue. Studies in
origins, archaeology and architecture (New York 1975). [Beek]