Hoge offerplaats
De Hoge Offerplaats op de top van de Jebel al-Madhbah schijnt de belangrijkste offerplaats van Petra geweest te zijn. Eens kon men de plaats van alle kanten bereiken langs in de rots gehakte paden, maar nu zijn slechts twee daarvan beloopbaar. De eerste begint bij het theater en klimt langs Wadi Mahafeer omhoog; de tweede loopt langs de Wadi Farasa aan de westelijke kant van de berg. De route langs de Wadi Mahafeer is de mooiste.

De Hoge Offerplaats ligt op de top van de berg, die vlak is gemaakt door de Nabateeën. Iets voorbij een in rots uitgehakte cisterne is een groot rechthoekig, enigszins verzonken (40 cm) plateau van ong 14.5 bij 6.5 m, de smale kant op het noorden gericht. Aan drie zijden zijn banken, die erg lijken op de triclinia in Petra. In het midden van het plateau staat een klein podium met 4 treden, misschien gebruikt door de priester, dat wijst naar een verhoogde plint in het westen. Op het podium is een rechthoekige insparing, waarin de 'betyl' of stenen blok stond, dat de godheid voorstelde (waarschijnlijk Dushara en misschien ook al-'Uzza. Een altaar ook met vier treden te beklimmen ligt meteen ten zuiden daarvan, met daarin een rond basin met een afvoerkanaal voor het bloed van het offerdier. Kleine cisternen kunnen water bevat hebben voor rituele reinigingen.
Hoe de rituelen van de Nabateeën er uitzagen, is onbekend; en zo weet men ook niet wat het doel van de offers was, fouten herstellen, een boze god verzoenen of de zegen van een god afsmeken? Men denkt dat de Nabateeën dieren offerden, maar ook graan, olie en melk; waarschijnlijk gebruikte men ook wierook dat in Petra verhandeld werd. Misschien geven de banken die eromheen staan, aan dat de rituelen uitliepen op een feest ter ere van Dushara en al-'Uzza.
Bij de Hoge Offerplaats op de rand van de rots staan enkele vervallen muren van een gebouw, misschien een fort ter bescherming van de heilige plaats of wellicht een uitkijkpost. De kruisvaarders hebben, naar het schijnt, het gebouw later weer gebruikt, maar het is nooit behoorlijk onderzocht.
Onder de Hoge Offerplaats ligt een groot, vlak terras. Daar staan op een afstand van ong. 30 m van elkaar met een oost-west oriëntatie twee grote obelisken. Om ze te maken hebben de Nabateeën zes meter van de top van de berg afgehakt; maar of de rots was uitgehakt om deze obelisken als voorstellingen van Dushara en al-'Uzza, zoals veel mensen geloven, blijft een open vraag. Het kan ook een steengroeve geweest zijn voor het bouwen van het fort en de obelisken grenspalen van de groeve. Of misschien is het een combinatie van beide.