
IMPERATORI CAESARI(s) DIV FILIO AVGVSTO
PONT(ifici) MAX(imo) IMP(eratori) XIIII TRIB(unicia) POT(estate) XVII
SENATVS POPVLVSQVE ROMANVS
Aan opperbevelhebber Augustus, zoon van de vergoddelijkte Caesar,
pontifex maximus, imperator voor de 14e keer, voor het 17e jaar met de macht van tribuun
(wijdt) de senaat en het volk van Rome (dit monument).
QVOD EIVS DVCTV AVSPIISQVE GENTES ALPINAE QVAE A MARI SVPERO
AD INFRVM PERTINERANT(!) SVB IMPERIUM P(opuli) R(omani) SVNT REDACTAE
omdat onder zijn leiding en auspiciën de Alpijnse volkeren die zich uitstrekten van de Mare Superum
tot de Mare Inferum, onder het gezag van het Romeinse volk zijn gebracht.
Opvallend is dat het monument niet gewijd is aan de apotropaeïsche god, maar aan Augustus. Dit is een van de eerste uitingen van de keizercultus.