Symbolon (σύμβολον, 'wat men (ter vergelijking)
naast elkaar houdt') heette in Griekenland het her
herkenningsteken of legitimatiebewijs van gastvrienden
den of partners van een overeenkomst Het was
oorspronkelijk vaak een doorgebroken steen, scherf,
stokje of ring, zodat voor de ene helft slechts één
bepaalde 'wederhelft' bestond (vgl. latijn tessera
hospitalis). Uit deze grondbetekenis ontwikkelden
zich diverse juridische betekenissen, zoals
'identiteitspenning' (in Athene bv. voor de volksvergadering
en de rechtbank), 'contract', 'kwitantie' en
'onderpand', de religieuze betekenis 'geheimenis,
geheime kennis, geheime leer', en de algemene
betekenis 'teken, symbool'.
[Nuchelmans]