Hüyük

Hüyük, turks-kleinaziatischc term voor ruïnenheuvel (arabisch tell), bv. Alaca Hüyük. Aan het aldaar medegedeelde kan het volgende toegevoegd worden. De belangrijkste vondsten werden gedaan in de vroegbronstijd necropool, waar 13 zogenaamde koningsgraven aangetroffen werden. In grafkamers, soms van steen, gebouwd op de bodem van gegraven schachten, waren de doden bijgezet in de z.g. Hockerpositie met het gezicht naar het zuiden. In de mannengraven werden vele gegoten metalen wapens gevonden - o.a. twee bronzen zwaarden en een dolk van ijzer - enkele malen ingelegd met electrum, goud, zilver en edelstenen. De vrouwen waren begraven met hun sieraden zoals gouden fibulae, diademen, dubbele spiraalringen, getordeerde ringen en spelden, gouden en zilveren armbanden en gouden harnerkopspelden, die betrekkingen aangeven met Zuid-Rusland, Iran en het Aegeïsch gebied. Bovendien bevatten beide soorten graven naast vaatwerk van brons, goud en zilver vele voorwerpen die wijzen op een ceremonieel en/of religieus gebruik, bv. de gegoten bronzen figuurtjes van stieren en herten en de z.g. zonneschijfstandaarden, waarvan aangenomen wordt dat ze bevestigd waren tussen de trekdieren van de grafwagen. Tussen de resten van de uit houten balken en klei bestaande daken van de graven werden runderschedels en hoeven aangetroffen, waarschijnlijk restanten van een begravingsmaaltijd. Helaas kon het niveau van waaruit de schachten gegraven zijn niet vastgesteld worden, zodat er tussen graven en vroegbronstijd bouwlagen geen duidelijke samenhang bestaat. De opgraver Kosay dateert de graven op grond van overeenkomsten met de Maikop op 2500-2000 vC; Orthmann, vanwege relaties met o.a. vroegbronstijd Kültepe, tussen 2100 en 1950 vC.

Bij opgravingen in de hethitische bouwlagen kon een verscheidene malen herbouwde ca. 40.000 m'' grote stad vastgesteld worden, met openbare ruimtes, tempels, omgeven door een stadsmuur met twee poorten waarvan de Sfinxpoort de meest interessante is. De twee meter hoge vrouwelijke sfinxen hebben een haardracht van het Hathortype. Voor dit poortgebouw met sfinxen bevindt zich aan de buitenzijde een toegang met reliefs met offeren jachtscènes in de vlakke silhouet-stijl die nog onder koning Muwattali (eind 14e eeuw vC) in zwang was.


Lit. R. O. Arik, Les fouilles d'Alaca Hüyük (Publications de la Société d'Histoire Turque V seri no 1, 1937). H. Z. Kosay, Ausgrabungen vom Alaca Hüyük (Veröffentlichungen der Türkischen Geschichtskomission V seri no. 2a, 1944). Id., Les fouilles d'Alaca Hüyük (Türk Tarih Kurumu Yayinlarindan V seri no. 5, 1951). IdJM. Akok, Ausgrabungen vom Alaca Hüyük (Türk Tarih Kurumu Yayinlarindam V seri no. 6, 1966). W. Orthmann, Die Keramik der frühen Bronzezeit aus Inneranatolien (1963). Id., (Istanbuler Mitteilungen 17, 1967, 24vv). [Brandt]

Register