Johannes Breberenus van Dyck en Sibylla Bouwens
Johan Smith / Johannes Smetius pater


Gedicht ter ere van het huwelijk van de eerwaarde heer Johannes Breberinus van Dijk, predikant van de kerk in Wijchen, en de hooggeachte juffrouw mevrouw Sibylla Bouwens: Epithalamium reverendo domino Iohanni Brebereno Dyck, pastori ecclesiae Wichensis, et ornatissimae virgini dominae Sibyllae Bouwens, Nijmegen 1640

originele uitgave 1640
Latijnse tekst
vertaling
toelichting
home

Top


Originele uitgave 1640

KB / Het Geheugen hier

Top


Latijnse tekst

Epithalamium
Rev. D. Iohanni Brebereno Dyck
Pastori Ecclesiae Wichensis,
Et
Ornatissimae Virgini
D. Sibyllae Bouwens.

I.
Annus Pastorem videt idem, idemque Maritum,
    Bisque adeo Sponsum te Breberene novum.
Dum tibi non uni genitus, divinaque iussa
    Naturaeque sequi semina laeta paras.
Impiger ipse alios vis per te vivere, digne
    Vivere tu cuiquam ne videare minus.
Vis prodesse aliis, cupidus coelique solique
    Amplificare genus, multiplicare genus.
Hoc desiderium, precor, haec bene caepta secundet,
    Cui thalami et templi cura suprema, Deus.
Semina foecundet sua, det generare, quod optas,
    Digna soli et regnis pignora digna poli.
Auctior ut titulis nunc Pastor, moxque Maritus,
    Post duplicique Patris nomina prole feras.

II.
In thalamos olim qui te genuere parentum,
    Nostra Thalia suas vota precesque tulit.
Nunc etiam tot post annos casusque superstes,
    In thalamos eadem fert pia vota tuos.
Haec patrius deposcit amor, nostroque propinquum
    Sponsa genus referens haec duplicare iubet.
Annuit ut quondam, sic nunc Pater annuat idem
    Altitonans, vati ne sit inanis honos.
Ut Patri natos, sic det tibi posse nepotes
    Cernere, det laetos perpetuare dies.
Nostraque posteritas utrinque observet avitae
    Nomen amicitiae, conspicuumque decus.
Et super haec quae lingua petit, quae mensve cupiscit
    Plurima, terque Deus plura quaterque ferat.

Scrib. Iohan. Smith Kettenisius
Pastor Ecclesiae Noviomagensis.
XII Cal. Mart. Iul. An. CIↃ IↃ C XL

Noviomagi, Typis Nicolae ab Hervelt.

Top


Vertaling

Gedicht ter ere van het huwelijk van de eerwaarde heer Johannes Breberinus van Dijk, predikant van de kerk in Wijchen, en de hooggeachte juffrouw mevrouw Sibylla Bouwens

I.
Hetzelfde jaar ziet jou als Herder en als Echtgenoot:
    tweemaal, Breberinus, als nieuwe Belofte.
Niet slechts voor jezelf verwekt, ben je van plan het bevel
    van God en het zaad van de natuur te volgen.
Zelf actief, wil jij anderen door jou laten leven,
    om niet in iemands oog onwaardig te leven.
Je wilt anderen helpen, verlangend het hemelse
    te versterken en het aardse te vergroten.
Laat God deze wens en dit goed begin begunstigen;
    huwelijk en kerk liggen hem na aan het hart.
Moge hij jou vruchtbaar voort laten brengen, wat je wenst:
    waardig bewijs voor aards en hemels koninkrijk.
Grootser dan de titels (nu Herder, weldra Echtgenoot)
    heet je zo dan Vader door dubbel nageslacht.

II.
Naar het huwelijksbed van wie eens jou hebben verwekt,
    bracht Thalia onze en haar eigen bedes.
Na zoveel jaren en lotgevallen nog aanwezig,
    brengt zij vroom dezelfde wensen naar het jouwe.
Vaders liefde vraagt die en die wil de bruid, denkend aan
    onze verwante families, verdubbelen.
Laat vader Jupiter nu instemmen, zoals vroeger,
    opdat het respect voor de ziener niet klein is.
Hopelijk laat hij jou kleinzoons zien, zoals je vader
    zoons, laat hij de tijden van geluk voortduren.
Laat ons beider nageslacht een bijzondere parel
    respecteren: de grootmoederlijke vriendschap.
Moge God vaak meer geven, bovenop het zeer vele
    waarom de mond vraagt of waarnaar de geest verlangt.

Johan Smith uit Kettenis, predikant van de kerk in Nijmegen
18 februari 1640 oude stijl

Nijmegen, drukkerij Nicolaas van Hervelt.

Top


Toelichting

Dit bruidsdicht, epithalamium, is in disticha (2 versregels die samen 1 zin vormen; een hexameter en een pentameter) geschreven.
In de vertaling zijn de hexameters omgezet naar 14 lettergrepen en de pentameters naar 12.
Epithalamium in Algemeen Letterkundig Lexicon
hier.

Johannes Breberenus/Breberinus van Dyck/Dijk werd in 1633 predikant in Wijchen, in 1648 in 's Hertogenrade en in 1663 in Gulpen, waar hij in 1674 overleed. Hij trad in 1640 in het huwelijk met Sibylla Bouwens, een zus van Smetius' vrouw Johanna. De familie Bouwens was, net zoals familie Smith/Smetius, in 1615 vanuit Aken naar Nijmegen gekomen.

Het eerste gedicht speelt een spel met 'herder' (predikant) en 'echtgenoot'. In beide hoedanigheden kan Breberenus 'vader' genoemd worden. Veelvuldig benoemt Smetius deze combinatie: 'bevel van God en zaad van de natuur' en 'het hemelse te versterken en het aardse te vergroten' en 'huwelijk en kerk' en 'aards en hemels koninkrijk' en 'dubbel nageslacht'.
        'Coeliquo solique' staat hier voor 'het hemelse en het aardse'. In (latere) publicaties (Oppidum, Oude-nieuwe VVerelt, Triga Poetarum en Maeghden-krans) vormen deze woorden met het stadwapen een drukkersvignet. 'Coeloque' (de lucht) refereert dan aan de tweekoppige rijksadelaar en 'soloque' (de grond) aan de Gelderse leeuw.
        In regel 8 heeft het Latijn 'multiplicare', 'vermenigvuldigen'. Vergelijk Genesis 1, 28: 'vermenigvuldigt u', 'multiplicamini'.

In het tweede gedicht ontvangt Smetius zijn inspiratie van de klassieke oudheid: Thalia is een van de drie Gratiën (en wel van de bloei), Pater altitonans is Jupiter, de hoog-donderende vader, en de ziener (waarzegger, dichter) is 'vates'. In de Aeneis van Vergilius wordt Aeneas' gids in de onderwereld, de Sibylle, aangeduid met 'vates'. De naam van de bruid is Sibylla (Bouwens).
       Smetius besteedt in dit gedicht aandacht aan innige (familie)banden. Uit regel 1-4 blijkt dat Smetius ook een huwelijksdicht geschreven heeft bij het huwelijk van de ouders van Breberenus; hij zal toen nog jong geweest zijn. Regel 5-6 voert de Bouwens-tak op: 'patrius' (Reinier Bouwens is in 1632 gestorven) en 'genus propinquum nostro'. En in regel 11 verwijst Smetius naar de grootmoeder van de kinderen van het bruidspaar en van die van hemzelf. Dat is Catharina, echtgenote van Reinier Bouwens, de moeder van Sibylla Bouwens, de bruid, en Johanna Bouwens, Smetius' vrouw.
        De bedes ('preces', r. 2) en wensen ('vota', r. 4), samengevat in 'die' ('haec', r. 5 en 6) hebben ongetwijfeld betrekking op een gelukkig huwelijk en een ruime kinderschaar.

Smetius ondertekent niet met de naam waaronder hij tegenwoordig bekend staat, maar gebruikt Johan(n) Smith uit Kettenis (Eupen, België).
De datum is volgens de Juliaanse kalender (oude stijl). De twaalfde dag voor 1 maart (inclusief geteld) is 18 februari of 19 februari (als februari 28 resp. 29 dagen heeft).
CIↃ = M = 1000 en IↃ = D = 500. Samen met C = 100 en XL = 10-van-50 levert dit het jaar 1640.

Top


Mochten er onverhoopt rechten overtreden worden op/door/met deze site, stuur dan even een mailtje zodat de plooien recht kunnen worden gestreken.


Leo Nellissen 2024
met dank aan Pim Boer