
![]()
Samarobriva of Samarabriva (Samara = Somme;
briva = brug), belangrijkste nederzetting van de
gallische stam der Ambiani en hoofdstad van de
gallo-romeinse civitas Ambianorum; thans Amiens.
De ligging van de gallische nederzetting is
niet meer exact vast te stellen, de in de 1e
eeuw vC ontstane gallo-romeinse stad lag op de
zuidelijke oever van de Somme, ca; 70 km van de
Noordzeekust, bij het punt waar diverse wegen uit
het zuiden zich verenigden om de rivier over te
steken en zich vervolgens weer te splitsen in de weg
naar Gesoriacum/Bononia (Boulogne-sur-Mer) en
Brittannia en de weg naar Bagacum (Bavai). S.
breidde zich snel uit; zijn grootste bloei beleefde het
in de 2e eeuw. Er waren veel weverijen en een
belangrijke wapenindustrie.
Na de eerste grote germaanse invallen in Gallië concentreerde de stad zich op het eind van de 3e eeuw op een veel kleiner areaal, van ca. 10 ha. Dit werd met een muur omgeven en uitgebouwd tot een militaire vesting. Voor een van de poorten van S. deelde Martinus van Tours, die hier ca. 334 in garnizoen lag, zijn mantel met een bedelaar. De usurpator Magnentius, die in S. geboren was, verleende zijn vaderstad muntrecht (350). In S. riep Valentinianus I op 24 augustus 367 zijn zoon Gratianus tot Augustus uit. In 406 moest de stad definitief door de Romeinen prijsgegeven worden.
Van de antieke stad is maar weinig bewaard
gebleven; de plattegrond heeft men gedeeltelijk
kunnen reconstrueren, de plaats van het amfitheater
(nabij het Hôtel de Ville) is teruggevonden, evenals
sporen van een binnenhaven. De kleinere
oudheidkundige vondsten bevinden zich in het Musée de
Picardie in Amiens. Op de Peutinger kaart (rechts onder) wordt Samorabriva genoemd.
Lit. J. Keune (PRE 1A, 2110-2117). C. Pietri (Princeton Encyclopedia of Classical Sites, Princeton 1976, 800v). - F. Vasselle/E. Will, L'enceinte du Bas-Empire et l'histoire de la ville d'Amiens (Revue du Nord 40, 1958, 467-482). Id., L'urbanisme romain à Samarobriva-Amiens (ib. 42, 1960, 337-352). [Nuchelmans]