Iugurtha

Iugurtha, kleinzoon van Masinissa en koning van Numidië en Gaetulië (ca. 160-104). Na door zijn oom Micipsa, de opvolger van Masinissa, geadopteerd te zijn werd hij met diens zonen Hiempsal en Adherbal als gelijkberechtigde erfgenaam opgevoed. In 134/33 commandeerde Iugurtha het numidische hulpcorps dat voor Numantia aan de zijde der Romeinen streed. Door Scipio Africanus Minor, onder wie hij diende, leerde hij de romeinse aristocratie kennen.

Na Micipsa's dood (118) trachtte Iugurtha door intriges en wapengeweld het in drieën verdeelde rijk onder zijn gezag te brengen. Nadat Hiempsal daarbij was gedood, verdeelde een senaatscommissie het land onder Adherbal die de woestijn, en Iugurtha die het vruchtbare westelijke gedeelte kreeg. Hiermee nog niet tevreden heropende Iugurtha de strijd. Bij de inname van Adherbals hoofdstad Cirta werden veel italische zakenlieden gedood. Hierop besloot de vertoornde senaat tot de oorlog. Iugurtha echter kocht de aanvoerder van het in 111 naar Afrika gezonden leger, Calpurnius Bestia, om en sloot vrede met hem. De senaat erkende deze echter niet en ontbood Iugurtha onder belofte van een vrijgeleide naar Rome. Door allerlei kuiperijen wist hij zich echter aan een verantwoording te onttrekken. Nadat hij wegens moord op een neef uitgewezen was, werd de oorlog hervat.

In 110 moest de consul Aulus Spurius Albinus zich verplichten Afrika te ontruimen. Zijn meer doortastende opvolger Quintus Caecilius Metellus wist echter Iugurtha aan de Muthul te verslaan. Desondanks zette deze de strijd voort. Metellus' opvolger Gaius Marius begon daarop met een grotere strijdmacht een systematische klopjacht, waardoor hij Iugurtha uit het eigenlijke Numidië verdreef.


Bocchus (links) biedt Sulla de geketende Iugurtha (rechts) aan

Met gaetulische huurlingen zette Iugurtha, ook nadat zijn middelen uitgeput waren, de guerillastrijd voort, gesteund door zijn schoonvader Bocchus van Mauretanië, naar wie hij tenslotte na verscheidene tegenslagen de wijk nam. De diplomatie van Marius' quaestor Sulla bracht Bocchus ertoe Iugurtha aan Rome uit te leveren. Hier vond hij na Marius' triomf in het Tullianum zijn einde.

Lit. Sallustius, Bellum Iugurthinum. - Th. Lenschau (PRE 10, 1-6). - G. Meinel, Zur Chronologie des Iugurthischen Krieges (Augsburg 1883). S. Gsell, Histoire ancienne de l'Afrique du Nord 7 (Paris 1928) 123-265. D. Siciliani, Africa Romana (Milaan 1935) 51-82. P. Thielscher, Die Schlacht am Muthul nach Sallust (Klio 29, 1936, 173-201). K. von Fritz, Sallust and the Attitude of the Roman Nobility at the Time of the Wars against Iugurtha (Transactions and Proceedings of the American Philological Association 47, 1943, 134-168). C. Saumagne, La Numidie et Rome. Masinissa et Jugurtha (Paris 1966). [A. J. Janssen]


Lijst van Namen