Diatessaron (Diatesseron, Τὸ διὰ τεσσάρων εὐαγγέλιον),
een evangeliënharmonie (uitgave van de vier
evangelies in één doorlopend verhaal) vervaardigd
door Tatianus ca. 170. Tot in de 5e eeuw werd het
D. in de syrische kerken officieel gebruikt. Dacht
men vroeger overwegend aan een syrisch origineel,
sedert in 1934 te Dura-Europus een grieks papyrusfragment
van het D. ontdekt is (van vóór 254) denkt
men meer aan een oorspronkelijk griekse tekst, die
dan door Tatianus zelf vertaald zou zijn. De theorie
van Burkitt, die van een latijns origineel uitgaat,
heeft nooit aanhang gevonden. De syrische en griekse
tekst zijn beide verloren gegaan. De belangrijkste
bronnen vormen nu: de commentaar van Ephrem
in de 4e eeuw, die ons bekend is in een armeense
versie uit de 6e eeuw; twee late mss. van arabische
vertalingen; een kort grieks papyrusfragment van 14
regels, in 1934 te Dura-Europus ontdekt; de latijnse
codex Fuldensis (uit 541-546), waarvan de tekst
echter sterk geassimileerd is met de Vulgata; een
middeleeuwse nederlandse evangeliënharmonie uit
ca. 1400 (door D. Plooij in 1923 te Luik ontdekt).
De laatste jaren heeft G. Quispel de these verdedigd
dat het tussen 830 en 840 geschreven oudsaksische
epos Heliand op een zeer afwijkende en oude tekst
van het D. teruggaat.
Lit. H. Leclercq (DAL 4, 747-770). - Quasten 13 225-228. Th.
Zahn, Tatians Diatessaron (Erlangen 1881). J. R. Harris,
Fragments of the Commentary of Ephrem Syrus upon the
Diatessaron (London 1895). H. J. Vogels, Beiträge zur Geschichte
des Diatessaron im Abendland (NTliche Abh. 8
(Münster 1919). D. Plooij, A primitive Text of the Diatessaron.
The Liège Manuscript of a Mediaeval Dutch Translation.
A Study with an introductory Note by J. R. Harris
(Leiden 1923). Id., A further Study of the Liège Diatessaron
(Leiden 1925). F. C. Burkitt, The Dura Fragment of Tatian
(JTS 36, 1935, 255-259). D. Plooij/C. A. Phillips/A. J.
Barnouw, The Liège Diatessaron. Edited with a textual Apparatus
and an English Translation (Amsterdam 1929-1935).
C. H. Kraeling, A Greek Fragment of Tatian's Diatessaron
from Dura (London 1935). C. Peters, Das Diatessaron Tatians.
Seine Überlieferung und sein Nachwirken im Morgenund
Abendland, sowie der heutige Stand seiner Erforschung
(OrChrA 123, Rome 1939). Id., Der Diatessarontext von Mt.
2,9 und die westsächsische Evangelienversion (Bb 23, 1942,
323-332). S. Lyonnet, Les origines de la version arménienne
et le Diatessaron (Rome 1950). W. Krogmann, Heliand,
Tatian und Thomasevangelium (ZNW 51, 1960, 255-268). G.
Quispel, Der Heliand und das Thomasevangelium (VC 16,
1962, 112-151). W. Henss, Das Verhältnis zwischen D., christlicher
Gnosis und 'Western Text' (Beih. ZNW 33, Berlin
1967).
[Bartelink]