Dit monument werd door keizer Augustus opgricht in 5 vC om zijn
veroveringen in de Alpen te gedenken. De campagnes vonden plaats in
de jaren 15-12 en 6-5 vC. De moderne naam van het dorp bij het monument
is La Turbie, dat is afgeleid van het woord tropaea (trofee).
Deze plaats was de hoogste in de Via Iulia, de weg die Augustus had
aanleggen over oude wegen. Bovendien was het een wisselplaats 'in Alpe
summa'.
Voor de Grieken was een tropaeum (τρόπαιον)
een gesnoeide boom, misschien zelfs een mensenpop, op een plaats
vanwaar de vijand was weggevlucht. Buit en wapens van de gevluchte
vijand werden daaraan gehangen. Om deze slechte wapens en de oorlogsdemons
uit te bannen werd een deel van de buit gewijd aan de
θεὸς τροπαῖοςΧ ('theos tropaios'), de afwerende god, die de
vijanden afweert.
In Rome wordt de boom op het einde van de Republiek veranderd in
een monument, overigens met behoud van de afwerende kracht.
In La Turbie is dit te zien in de twee reliefs naast de inscriptie.