Kittu, babylonisch woord met de betekenis 'vastheid,
betrouwbaarheid, recht', vaak samen met
mesarum ('gerechtigheid') voorkomend, ter aanduiding
van een fundamenteel beginsel van de samenleving,
als basis en concretisering van recht en wetten.
Beide begrippen werden reeds in de oud-babyLonische
tijd gehypostaseerd en komen als goden
(vooral in theofore persoonsnamen) voor, die gelden
als kinderen van de zonnegod Samas, evenals hun
sumerische equivalenten nig.gi.na en nig.si.s´ van
de zonnegod Utu. Vergelijkbaar is de relatie tussen
Helios en Dike bij de Grieken.
Lit. B. Landsberger, Die babylonische Termini für Gesetz
und Recht (Symbolae ... P. Koschaker, Leiden 1939, 220v).
D. Holwerda, Helios en Dike bij Heraclitus (Groningen 1969).
S. M. Paul, Studies in the Book of Covenant in the Light of
Cuneiform and Biblical Law (VIS 18, Leiden 1970, Svv).
[Veenhof]