Nehalennia

altaarNehalennia, naam van een inheemse, locale godin, bekend sinds 1647 uit inscripties op wijaltaren die in dat jaar gevonden werden op het strand van Domburg in Zeeland, met fragmenten van beelden, munten en de resten van een tempeltje. Het merendeel der altaren is aan N. gewijd. Uit de inscripties blijkt dat zij de beschermster der zeevarende kooplieden was. Zij wordt dan ook enige malen afgebeeld met een scheepsroer of staande met een voet op de voorsteven van een schip. Zeer vaak is zij gezeten, met een mand met vruchten naast zich en een mandje of schaal met vruchten op haar schoot. De vruchten, ook dikwijls aangebracht boven op de altaren, wijzen er waarschijnlijk op dat N. een godin van vruchtbaarheid en voorspoed was. De hond die herhaaldelijk naast haar ligt, kan een aanwijzing zijn dat zij ook een godin der onderwereld was.
steenIn 1970 en 1971 werden uit de Oosterschelde bij Colijnsplaat meer dan honderd altaren, beelden, stukken steen en zeer veel dakpannen opgevist. De inscripties op de altaren tonen aan dat ook hier een heiligdom van N. was; zij noemen als dedicanten handelaren in vissaus, zout en aardewerk; mogelijk wijst een schip met vaten dat op een der altaren is afgebeeld op een wijnkoopman. Het dorp bij de tempel heette blijkens een der inscripties misschien Ganuenta. Te Colijnsplaat zijn alle altaren aan N. gewijd op één na, die een godheid Immunis noemt, wellicht een andere naam voor N. In Domburg werden naast N. ook andere goden vereerd: Iuppiter, Neptunus en Victoria. De nieuwe altaren vermelden vaak de herkomst der dedicanten en zijn soms gedateerd, hetgeen in Domburg nooit het geval is; ze dateren vermoedelijk uit ca. 175 tot 250 nC. De tempel van Colijnsplaat is niet door mensenhand verwoest, maar door de zee verzwolgen, waarschijnlijk ca. 300. Of twee altaren voor N., gevonden te Keulen-Deutz, het bestaan van een tempel van N. aldaar bewijzen is zeer onzeker.

Lit. M. Ihm (Roscher 3, 7686). - A. Hondius-Crone, The Temple of N. at Domburg (Amsterdam 1955). Gids bij de Tentoonstelling Deae Nehalenniae (Middelburg 1971; met bijdragen van J. Bogaers, L. Louwe Kooijmans, P. Stuart, J. Trimpe Burger). J. Bogaers/M. Gysseling, Over de naam van de godin N. (Oudheidkundige Mededelingen uit het Rijksmuseum van Oudheden te Leiden 52, 1971, 29-85). Id., N., Gimio en Ganuenta (ib. 86-92). S. de Laet, N., déesse germanique ou celtique (Helinium 11, 1971, 154-162). H. Wagenvoort, N. and the Souls of the Dead (Mnemosyne ser. 4, 24, 1971, 273-292). J. Bogaers, Van Nijmegen naar Nehal(a)en(n)ia (Numaga 19, 1972, 7-11). [Stolte]


Lijst van Namen