Orientius

Orientius, bisschop van Augusta (Auch) in Aquitanië, schreef ca. 430-440 een vermanend gedicht in 2 boeken, dat sedert de middeleeuwen algemeen als Commonitorium betiteld wordt. Het bevat een vermaning het goede te doen en in het bijzonder de hoofdzonden te bestrijden. Wij vinden er een allusie in op de verwoestingen in Gallië in de eerste helft van de 5e eeuw. Het in disticha geschreven Commonitorium getuigt van grote pastorale bewogenheid.

De taal is dikwijls elegant en vertoont vrij sterke klassieke invloeden; daarnaast weerspiegelt ze soms ook het taalgebruik van de 5e eeuw. De prosodie is vrij correct te noemen. Of de in het enige bewaarde handschrift volgende kleinere gedichten en de twee gebeden ook van O. zijn, is twijfelachtig.


Lit. Uitgaven: R. Ellis (CSEL 26, 1, 191-261). Met inleiding, vertaling en commentaar: M. D. Tobin (Washington 1945). C. A. Rapisarda, Orientii Commonitorium. Carmina Orientio tributa (Catania 1958). Met italiaanse vertaling: Id., Orienzio esortativo. Commonitorium (Nuovo Didaskaleion 10; ib. 1960). - Bardenhewer 4, 640-642. - L. Bellanger, Étude sur le poème d'O. (Parisffoulouse 1902). [Bartelink]


Lijst van Namen