Potifar, Egyptenaar, commandant van de koninklijke
lijfwacht, in Gn 37,36 en 39,1 eerste meester
van Jakobs zoon Jozef. De afleiding van het
egyptische p3-dj-p3-R', 'degene die Re gegeven
heeft', is algemeen geaccepteerd. De genoemde
egyptische vorm komt in egyptische contekst niet
eerder voor dan in de saïtische periode (7e/6e eeuw
vC).
Lit. A. Erman/H. Grapow, Wörterbuch der ägyptischen
Sprache 1 (Leipzig 1926) 492. J. Vergote, Joseph en Égypte
(Louvain 1959) 147, 166. D. B. Redford, A Study of the
Biblical Story of Joseph (Leiden 1970). [Hoogewoud]