Episcopus (ἐπίσκοπος, 'opziener', bisschop), oudchristelijke benaming voor een kerkelijke functionnaris, naast verschillende andere benamingen die minder frequent zijn en niet tot termini technici zijn geworden als: ποιμήν, προεστώς, ἡγούμενοι, προιστάμενοι, antistes, pontifex, praepositus, praesul, sacerdos.
Voor het eerst vinden wij bij Ignatius van Antiochië (ca. 110 nC) een duidelijke hiërarchische ordening, waarbij de christengemeente geleid werd door één e., bijgestaan door een college van presbyteri (presbyterium) en diakens. Het monarchisch episcopaat vindt men dan blijkens Ignatius' brieven in tal van gemeenten. In de Didache is nog sprake van ἐπίσκοποι en διάκονοι, en in de eerste brief van Clemens Romanus worden de leiders van de gemeente te Corinthe ἐπίσκοποι καὶ διάκονοι en ook πρεσβύτεροι genoemd. Hoe de ontwikkeling tot het monarchisch episcopaat verlopen is kunnen wij uit de weinig talrijke documenten moeilijk volgen. De term e. werd al spoedig in het latijn als terminus technicus overgenomen.
Aanvankelijk kende men slechts één christengemeente
per plaats en alleen in de steden. Sedert de
2e eeuw stond een e. aan het hoofd daarvan. Later
kregen de grotere gemeenten verschillende kerken
(te Rome tituli geheten; zie J. Kirsch, Die römischen
Titelkirchen im Altertum, Paderborn 1918). In de
loop van de 3e eeuw ontstonden ook op het land in
de kleinere plaatsen christelijke gemeenten, die door
priesters onder de stadsbisschop werden bestuurd
(Gallië, Spanje). In Africa en Italië werden daarover
ook bisschoppen aangesteld. In het Oosten
werden de plattelandsgemeenten veelal door chorepiscopi
geleid, die onder de bisschoppen van
de grotere plaatsen stonden. De bisschoppen van
verschillende hoofdplaatsen van een provincie of
van een dioecesis verkregen geleidelijk voorrechten
boven andere bisschoppen: het bijeenroepen en presideren
van een provinciale synode, bevestiging van
bisschopskeuze, wijding van bisschoppen.
Lit. E. Valton (DTC 5, 1701-1725). - St. von Dunin-Borkowski,
Die neueren Forschungen über die Anfänge des Episkopats
(Freiburg 1900). P. Wagner, Die geschichtliche Entwicklung
der Metropolitangewalt (Bonn 1917). E. Boularand, La consécration
épiscopale est-elle sacramentelle? (BLE 54, 1953, 336).
J. Colson, Les fonctions ecclésiales aux deux premiers
siècles (Paris 1956). M. Guerra y
Gómez, Episcopos y presbyteros
(Burgos 1962). M. López Martinez, La distinción entre
obispos y presbiteros (Burgense 4, 1963, 145-226). [Bartelink]