
Parnassus (Παρνασσός, ionisch
Παρνησσός,
ruig en onherbergzaam bergmassief in het middengriekse
landschap Phocis; thans nog P. geheten.
De P., die in het noorden en
noordoosten begrensd wordt door het dal van de
Cephisus, in het zuiden door dat van de Plistus, beslaat
een grondvlak van ca. 25 bij 20 km; de hoogste
top reikt tot 2457 m boven de zeespiegel. Tegen
de zuidelijke helling ligt, op een hoogte van ca.
570 m, Delphi, aan de
voet van de Phaedriadenrotsen,
vanwaar in de oudheid tempelschenners
naar beneden geworpen werden. Uit een kloof in
de Phaedriaden ontspringt ten oosten van Delphi
de Castalia-bron.
Door zijn nauwe verbondenheid
met Delphi en het Apollo-heiligdom aldaar
werd de P. in de literatuur van de keizertijd beschouwd
als de berg en het rijk van de dichtkunst,
waarnaar in de 19e eeuw ook het franse dichtersgezelschap
der Parnassiens zich noemde.
Gradus ad Parnassum is sinds de renaissance een
veel gebruikte titel voor specialistische latijnse
woordenboeken die door het aangeven van prosodie,
synoniemen en dergelijke goede hulp kunnen
bieden bij het schrijven van latijnse verzen.

Lit. J. Schmidt (PRE 18, 2 (4), 1573-1663). [Nuchelmans]