
Scaldis, rivier in Gallia Belgica, de tegenwoordige
Schelde, die ontspringt op het plateau van Saint-Quentin
en in Zeeland uitmondt in de Noordzee.
De S. wordt het eerst vermeld door
Caesar (De
bello Gallico 6,33), en wel als zijrivier van de Maas.
Dit is te verklaren doordat, nog in de middeleeuwen,
een Schelde-arm, de Striene, bij Mijnsherenland
in de Maas uitmondde. Op dit punt kan men
Tablis localiseren, dat op de
Peutinger kaart aan
de zuidelijke weg door het land der Bataven ligt.
Ptolemaeus,
die de S. niet noemt, vermeldt wel een
rivier de Taboula, waarin men een haam voor de
benedenloop van de S. heeft willen zien; het is waarschijnlijk
dat hij de plaatsnaam Tablis, die bij de
monding' van de Striene in de Maas stond, voor
een riviernaam heeft aangezien. De hoofdarm van
de S. was in de ronieinse tijd de huidige Oosterschelde.
Van hier stak men over naar Britannië en
bij de monding lagen de beide heiligdommen van
de godin Nehalennia,
vanwaar de talrijke bij
Domburg en ter hoogte van Colijnsplaat gevonden
inscripties afkomstig zijn.
Lit. B. H. Stolte, De Nederlandse waternamen uit de Romeinse
tijd (Mededelingen van de Vereniging voor Naamkunde
te Leuven en de Commissie voor Naamkunde te Amsterdam
40, 1964, 53-68).[Stolte]