Narcissus


muurschildering
Narcissus kijkt naar zijn spiegelbeeld (fresco uit het huis van
Lucretius Fronto in Pompeji)
Narcissus (Νάρκισσος), in de griekse mythologie buitengewoon knappe jongeling, zoon van de boeotische riviergod Cephisus en de nimf Liriope, die zo verliefd werd op zijn eigen spiegelbeeld dat hij wegkwijnde van verdriet en in de naar hem genoemde bloem veranderde. Voor Narcissus' lijden werden verschillende oorzaken aangegeven. De bekendste versie van het verhaal staat in Ovidius' Metamorfosen (3, 339-510). Deze vertelt dat N., aan wiens ouders voorspeld was dat hij lang zou leven mits hij zijn eigen gestalte niet zag, geheel ongevoelig bleef voor de liefde van allen die verliefd op hem werden, zelfs voor die van de bergnimf Echo. Tenslotte strafte de godin Nemesis op de bede van een versmade minnaar N. door hem, toen hij zich in het water van een bron zag, verliefd te maken op zichzelf.

Toen het voorwerp van zijn liefde onbereikbaar bleek, zou hij van verdriet weggekwijnd en in een narcis veranderd zijn (vgl. Hyacinthus). Sinds de hellenistische tijd was de scène van N. bij de bron een geliefd onderwerp voor beeldende kunstenaars; vooral op wandschilderingen en mozaïeken is ze dikwijls afgebeeld.

Lit. Greve (Roscher 3, 10-21). S. Eitrem (PRE 16, 1721-1733). L. Guerrini (EAA 5, 350-352). [Nuchelmans]


mythen