Macarius Aegyptius, ook de Grote genaamd (gestorven
ca. 390), leefde 60 jaar in de woestijn van Scete.
Een korte levensschets van deze kluizenaar geven
Palladius (Historia Lausiaca 17) en Rufinus (Historia
monachorum 28). Onder zijn naam zijn overgeleverd
de z.g. Pseudo-Macariaanse homilieën
(Messaliani).
Verder werden hem een aantal brieven toegeschreven,
waarvan er 8 in het syrisch en verschillende
in het grieks bewaard gebleven zijn (de eerste
ook in het latijn). De relatie van de z.g. Grote Brief
tot Pseudo-Macarius, Homilie 40 en De instituto
christiano van Gregorius van Nyssa wordt verschillend
beoordeeld: volgens Jaeger is deze brief een
compilatie uit genoemde homilie en het tweede deel
van De instituto christiano, terwijl Staats e.a. aannemen
dat Gregorius van Nyssa hier sterk onder invloed
staat van messalianistische geschriften.
Lit. Uitgaven: Messaliani. W. Jaeger, Two Rediscovered
Works of Ancient Christian Literature. Gregorius of Nyssa
(De instituto christiano) and Macarius (Ἐπιστολὴ πρώτη πρὸς μοναχούς) (Leiden 1954). - E. Amann (DTC 9, 1452-1455). J.
Stiglmayr, Sachliches und Sprachliches bei M. von Ägypten
(Leipzig 1912). A. Baker, Pseudo-Macarius and Gregorius
of Nyssa (VC20, 1966,227-234). [Bartelink]