Wijsheid van Salomo (Boek), titel van een OTisch
geschrift dat behoort tot de z.g. pseudepigrafische
of deutetocanonische literatuur
(Bijbel IIB). Het
werd oorspronkelijk in het Grieks geschreven (LXX
Σοφία Σαλόμωνος, Vg Liber Sapientiae door een
onbekende auteur, die vermoedelijk in de 1e eeuw
vC in Alexandrië gezocht moet worden. De LXX
legt de lofprijzingen der wijsheid die het boek bevat
uitdrukkelijk aan Salomo,
de wijste der Israëlieten,
in de mond. Het eerste deel (hoofdstukken 1-5)
beveelt de wijsheid aan omwille van de beloning die
zij de mens bezorgt; het tweede (6-9) beschrijft de
werkzaamheid van de wijsheid in het leven van Salomo;
het derde (10-19) prijst de wijsheid als leidster
der mensheid, in het bijzonder van het volk Israël.
Het doel van de schrijver is te bewijzen dat de joodse
wijsheid niet voor de griekse behoefde onder te
doen, maar deze zelfs overtreft, omdat zij vóór alle
schepselen haar oorsprong heeft in God en haar
macht in de gehele geschiedenis heeft bewezen.
Lit. Commentaren: J. Fichtner (Tübingen 1938). E. Osty (Paris
1950, ²1966). A. Drubbel (Roermond 1957). J. Reider (New York
1957).
Studies: G. Ziener, Die theologische Begriffssprache im Buche der
Weisheit (Bonn 1956). F. Zimmermann, The Book of Wisdom. Its
language and character (JQR 57, 1966, 1-27. 101-135). [Beek]