Iuventus, verzamelnaam voor de romeinse adellijke iuvenes. Iuvenis werd een jongen bij het ontvangen van de toga virilis op veertienjarige leeftijd. Voor zonen van equites en senatoren die een ridderlijke of senatoriale loopbaan ambieerden volgde na het volbrengen van een eerste militaire oefening (tot 17 jaar) de door Augustus als voorwaarde gestelde militaire dienst. Augustus organiseerde bovendien de i. - d.w.z. de equites tot 35 en de zonen van senatoren tot ca. 25 jaar - in zes turmae onder leiding van de princeps iuventutis; ook andere functionarissen als de seviri equitum zijn bekend. De organisatie werd uitgebreid tot de municipia van Italië en was sinds de 2e eeuw vC ook in de provincies bekend. Septimius Severus bracht de gehele weerbare jeugd onder in collegia iuvenum.
De term princeps iuventutis komt na de reorganisatie
van Augustus voor het eerst ook in staatsrechtelijke
zin voor. Augustus' kleinzonen
Gaius en
Lucius
Caesar ontvingen titel en eretekenen resp. in 5 en
2 vC. Later behielden de prinsen de titel ook als zij
niet langer tot de i. behoorden; zij werden daardoor
als kroonprins aangeduid. In de 3e en 4e eeuw nC
bleef echter ook de keizer de titel voeren.
Lit. E. Ziebarth (PRE 10, 1357v; Suppl. 7, 1940, 315v). W.
Beringer (PRE 22, 2296-2311 s.v. Princeps iuventutis). - M.
della Corte, I. (Arpino 1924). S. L. Mohler, The Iuvenes and
Roman Education (Transactions and Proceedings of the
American Philological Association 68, 1937, 442-479).
[A. J. Janssen]