Ruben

Ruben (hebreeuws reūbēn, betekenis omstreden; Gn 35,22 legt verband met een werkwoord voor zien), de oudste zoon van Jakob en Lea (ib. 29,32). Volgens Gn 49,4 werd het eerstgeboorterecht hem ontzegd, omdat hij gemeenschap had gehouden met Bilha, een bijvrouw van zijn vader (ib. 35,22). Toen Jozef door zijn broeders naar het leven werd gestaan, trad hij bemiddelend tussenbeide (ib. 37,22). De naar hem genoemde stam werd gelocaliseerd ten oosten van de Dode Zee (Joz 13,15-23). Wanneer echter het lied van Debora aan R. verwijt dat hij zich aan de strijd onttrokken heeft (Ri 5,15-16), moet de dichter gedacht hebben aan R.ieten die zich ten westen van de Jordaan hebben opgehouden. Volgens 1Kr 5,26 werd de stam door Tiglatpileser III weggevoerd. [Beek]


Afkortingen Lijst van Namen