Prometheus


prometheus maakt mens
Prometheus vormt een mens bijgestaan
door Athene (sarcofaag 3e eeuw n.C.)
Prometheus (Προμηθεύς) in de griekse mythologie zoon van de Titaan Iapetus en Clymene. Zijn naam betekent 'vooruitdenker'. Dat hij met behulp van Pallas Athene de mens geschapen zou hebben, vinden we maar bij enkele schrijvers (Aristophanes, Philemon), maar hij gold wel algemeen als de grote weldoener der mensheid. Dank zij hem zouden de mensen op de hoogte zijn gekomen van de geneeskunst, de bouwkunst, de mijnbouw, de scheepvaart; zijn grootste geschenk was wel het vuur, dat hij vanuit de werkplaats van Hephaestus aan hen gebracht zou hebben. P. hielp de mensen zelfs tegen de goden; toen hij als hun afgezant in Mecone met de goden over de verdeling van de offergaven moest onderhandelen, legde hij op de ene hoop de botten van het offerdier onder een dikke laag vet en op de andere hoop het vlees verstopt onder de huid en liet vervolgens Zeus kiezen. Deze doorzag het bedrog, maar koos toch de hoop met de botten en sindsdien is het gebruikelijk gebleven bij een offer de minder goede delen voor de goden te reserveren.
prometheus
Prometheus draagt het vuur
Voor straf ontnam Zeus de mensen het vuur weer, maar P. stal het vanuit de hemel in een holle narthexstengel terug. Zeus strafte nu de mensheid als geheel door de schepping van Pandora; P. liet hij door Hephaestus, Kratos en Bia vastketenen in de Caucasus: een adelaar vrat iedere dag Prometheus' lever weg, die dan 's nachts weer aangroeide.

Door Heracles werd P. uit zijn benarde positie bevrijd. Volgens een andere versie was het Zeus zelf die hem losmaakte; de oppergod was namelijk van plan met Thetis in het huwelijk te treden en hij wist dat haar een geheim omhulde, waarvan alleen P. op de hoogte was. Nadat hij bevrijd was, vertelde hij aan Zeus dat ieder die Thetis huwde een zoon zou krijgen die sterker was dan zijn vader. De meeste verering genoot P. in Thebe, Phocis en Athene; vaak werd zijn eredienst verbonden met die van Hephaestus. Ter ere van P. vonden in Athene de Promethieën plaats: een fakkelloop vanaf zijn altaar in de Academie over de Ceramicus naar een ons onbekend doel in de stad. Homerus kent P. nog niet; Hesiodus schenkt in de Theogonie en de Erga uitgebreid aandacht aan hem. Ook in de latere griekse literatuur speelt P. een rol. Aeschylus wijdde een trilogie aan hem, waarvan één stuk, de Προμηθεὺς δεσμώτης, bewaard gebleven is; Plato liet hem samen met zijn broer Epimetheus optreden in de Protagoras.

In de beeldende kunst zien we P. op roodfigurige vazen herhaaldelijk afgebeeld als brenger van het vuur, bijvoorbeeld op een krater in Bologna en een in Oxford. Als 'schepper' van mensen komt hij voor op gemmen en sarcofagen, soms samen met Athene, die de door P. uit leem gevormde mensen het leven zou hebben ingeblazen. De voorstelling van de geketende P. al dan niet met adelaar treedt vrij frequent op, zowel op gemmen als op vazen, bijvoorbeeld op de binnenkant van een laconische schaal in het Vaticaans Museum. Zijn bevrijding door Heracles is onder meer weergegeven op een corinthische che kruik in het Antikenmuseum te Basel (hier ontbreekt de adelaar).

Lit. W. Kraus/L. Eckhard (PRE 23, 653-730). E. Paribeni (EAA 6, 485-487). [Schouten]


mythen