Nehemia

Nehemia (hebreeuws nehemjāh: Jahwe troost), bijbelse eigennaam die in de literatuur van na de ballingschap enige malen voorkomt. De meest bekende drager ervan is de schenker van Artaxerxes I, die zich in 445 vC met volmachten van de koning naar Jeruzalem begaf om de herbouw van de stadsmuren te organiseren. Hij maakte van zijn tijdelijke bevoegdheid gebruik om ook sociale misstanden op te ruimen. Hij ondervond daarbij de tegenstand van Samaria, dat zich in zijn positie als provinciehoofdstad, die het sinds de assyrische veroveringen innam, bedreigd zag. De tegenstand kwam ook van een judeese elite, teruggekeerde ballingen, die hun politieke invloed door huwelijken met vrouwen uit Samaria hadden heroverd. Nadat zijn missie goeddeels was geslaagd, reisde N. in 433 terug naar het perzische hof, maar hij bracht nog een tweede bezoek aan Jeruzalem en nam maatregelen tegen de ontwijding van de sabbat en tegen de huwelijken met vreemde vrouwen. Daarna is van zijn leven niets meer bekend. Hij heeft een werk voltooid dat door Ezra was voorbereid en het fundament gelegd voor een zelfstandig joods leven binnen de grenzen van een onafhankelijke tempelstaat in en rondom Jeruzalem.

Wat wij van N. weten stamt uit het naar hem genoemde bijbelboek, memoires waarin hij tegenover zijn God rekenschap aflegt van zijn handelen en als zodanig een uniek genre in de bijbelse literatuur. Het boek N. was oorspronkelijk onderdeel van Kr, evenals Ezr, en het is nog zichtbaar dat Ezr/Neh een voortzetting waren van Kr, want Ezr begint met de laatste verzen van Kr. De splitsing in Ezr/Neh werd later in de gedrukte hebreeuwse bijbel overgenomen van de griekse en latijnse vertalingen en geplaatst vóór Kr. Het autobiografisch werk Neh wordt onderbroken door Ezra, die op een podium het boek van de thora van Mozes voorleest (Neh 8).

Overigens maakt het boek de indruk van een gesloten compositie, waarin historisch waardevol materiaal is verzameld. Zo is er geen andere bron die zo gedetailleerde inlichtingen geeft over de topografie van Jeruzalem in het midden van de 5e eeuw vC als Neh2,1-20 en 3,1-32 met de beroemd geworden beschrijving van de nachtelijke tocht langs de ingestorte muren en van de daarop volgende herbouw.


Lit. Commentaren: A. van Selms (Groningen 1935). W. Rudoph (Tübingen 1949). K. Galling (Göttingen 1954). J. de Fraine (Roermond 1961). F. Michaeli (Neuchâtel 1967). U. Kellermann, N., Quellen, Überlieferung und Geschichte (BZAW 102. 1968. Diss. Münster). W. Vischer. N. der Sonderbeauftragte und Statthalter des Königs (Festschr. Von Rad, München 1970, 603-610). [Beek]


Afkortingen Lijst van Namen