Serapion

Serapion (Σεραπίων), monnik, bisschop van Thmuis in Beneden-Egypte, gestorven na 362. Hij was een leerling van Antonius. Na eerst een groep monniken geleid te hebben werd S. vóór 339 bisschop van Thrnuis, waaruit hij in 359 door de ariaan Ptolemaeus verdreven werd. Van zijn werken vermeldt Hieronymus (De viris illustribus 93) een tractaat tegen de manichaeërs (door Casey in een Athos-manuscript ontdekt), een (nu verloren) verhandeling over de psalmtitels, en verschillende brieven (hiervan zijn er drie bewaard). In het bekende Euchologium dat op naam van S. staat (een gebedenboek met 30 gebeden) bevat het offergebed waarschijnlijk elementen die op S. teruggaan. S. was een voorvechter van Athanasius. Waarschijnlijk woonde hij de synode van Serdica (343) bij. In 356 leidde hij een gezantschap van vier bisschoppen die bij Constantius II de beschuldigingen tegen Athanasius wilden weerleggen.


Lit. Uitgaven: MPG 40, 923-942 (twee griekse brieven). R. P. Casey, S. of Thmuis against the Manichees (Cambridge Mass. 1931). R. Draguet (Muséon 64, 1951, 1-25: een syrische brief). Editio princeps van het Euchologium: A. Dimitrijewskij (Kiev 1894). Andere uitgaven van het Euchologium: F. E. Brightman (JTS 1, 1900, 88-113, 247-277). F. X. Funk, Didascalia et constitutiones apostolorum 2 (Paderborn 1905 = 1966) 158-195. Duitse vertaling: A. Hamman, Gebete der ersten Christen (Düsseldorf 1963) 184-211. Studies: H. Leclercq (DAL 11, 606-612). H. Dörries (PRE Suppl. 8, 1956, 1260-1267). Bardenhewer 3, 98-102. Quasten 3, 80-85. - H. Lietzmann, Messe und Herrenmahl (Bonn 1926) 186-197. P. E. Rodopoulos, The Sacramentary of S. (Theologia 28, 1957, 252-275, 420-439, 578-591; 29, 1958, 45-54, 208-217). [Bartelink]


Afkortingen Lijst van Namen