Catena (σειρά: kettingcommentaar), bijbelcommentaar,
waarbij de achtereenvolgende verzen van de
H. Schrift door reeksen passages uit vroegere commentaren
worden verklaard. Deze sedert de 5e
eeuw voorkomende c.n zijn karakteristiek voor achteruitgang
en epigonisme. Ook werd met c. wel
een serie teksten van verschillende schrijvers aangeduid,
die alle op één thema betrekking hebben.
In de c.n zijn soms gedeelten van verloren gegane
werken bewaard gebleven. Ze kunnen dan ook
soms een belangrijke steun zijn ter reconstructie
(psalmcommentaren van Eusebius
van Caesarea,
Lucas-homilieën van Titus van Bostra, geschriften
van Irenaeus,
Origenes,
Didymus de Blinde,
Ammonius van Alexandrië).
Lit. R. Devreesse (DES 1, 1083-1233). H. Lietzmann, Catenen
(Freiburg 1897). M. Faulhaber, Die Propheten-Katenen (ib.
1899). Id., Hoheslied-, Proverbien- und Prediger-Katenen
(Würzburg 1902). K. Staab, Paulus-Kommentare aus der
griechischen Kirche (Münster 1933). J. J. Reuss, Matthäus-,
Markus- und Johannes-Katenen (NTliche Abh. 18, 4-5;
Münster 1941). Id., Matthäus-Kommentare aus der griechischen
Kirche aus Katenen-Handschriften gesammelt (Berlin
1957). [Bartelink]