Philitas of Philetas (Φιλίτας, Φιλήτας) van
Cos,
griekse geleerde en dichter uit het eind van de 4e en
het begin van de 3e eeuw vC. P., die een groot deel
van zijn leven in Alexandrië doorbracht, werd door
koning Ptolemaeus I
van Egypte met de opvoeding
van diens zoon, de latere koning
Ptolemaeus II, belast.
Ook de dichters Theocritus en Hermesianax
evenals de filoloog Zenodotus
zouden zijn leerlingen
zijn geweest. In veel opzichten kan P. als de wegbereider
en de eerste vertegenwoordiger van de geleerde
alexandrijnse poëzie gelden. Zijn invloed was
groot; zowel bij zijn hellenistische collega's als bij
de romeinse elegiedichters genoot hij groot aanzien.
Behalve een glossenverzameling Ἄτακτοι γλῶσσαι
(Ongeordende glossen) schreef P. epyllia (o.a. een
Hermes, waarin een liefdesavontuur van Odysseus
met Aeolus' dochter Polymele verteld werd), epigrammen
en erotische elegieën; deze laatste, die
door de Romeinen Ovidius
en Propertius op eigen
wijze zijn nagevolgd, waren gericht aan zijn geliefde
Bittis. Van dit alles zijn helaas slechts enkele titels
en korte fragmenten bewaard gebleven.
Lit. Uitgaven der fragmenten: J. U. Powell, Collectanea
Alexandrina (Oxford 1925) 90-96. E. Diehl, Anthologia Lyrica
Graeca 62 (Leipzig 1942) 49-54. G. Kuchenmülier, Philetae
Coi Reliquiae (Berlin 1928). - A. von Blumenthal (PRE 19,
2165-2170). - P. d'Angelo Capri, Fileta poeta d'amore? (Annali
della Facoltà di Lettere della Università di Cagliari,
Cagliari 1949). [Nuchelmans]