Amphitryo

Amphitryo of -on (Ἀμφιτρύων), legendarische zoon van Alcaeus, de koning van Tiryns, kleinzoon van Perseus. Toen zijn zwager Electryon, de koning van Mycene, in een oorlog tegen de Taphiërs en Teleboërs op Licymnius na al zijn zonen verloren had, benoemde hij A. tot zijn opvolger en bestemde zijn dochter Alcmene tot diens gemalin; A. mocht haar huwen zodra de dood van haar broers gewroken was. Bij een poging om de geroofde runderen van Electryon terug te bemachtigen, doodde A. per ongeluk Electryon. Met bloedschuld beladen vluchtte hij met Alcmene en Licymnius naar Thebe, waar hij door koning Creon gereinigd werd. Vervolgens vroeg en verkreeg hij de hulp der Thebanen en versloeg de Taphiërs en Teleboërs. Tijdens zijn afwezigheid werd Alcmene echter door Zeus in de gedaante van A. verleid. De volgende dag keerde A. uit de strijd terug en nam eindelijk Alcmene tot vrouw, van wie hij echter tot zijn verbazing moest vernemen dat hij de vorige nacht al bij haar was geweest. De ernstige verdenking van ontrouw werd door Zeus zelf opgeheven. Alcmene schonk het leven aan een tweeling: Heracles, de zoon van Zeus, en Iphicles, de zoon van A. Beiden werden door A. opgevoed; deze zou de dood hebben gevonden in een strijd tegen de Minyers om het bezit van Orchomenus.

De verwikkelingen waartoe Zeus' bezoek aan Alcmene aanleiding gaf hebben Plautus geïnspireerd tot een blijspel A., dat model heeft gestaan voor enkele tientallen opera's en toneelstukken (Molière 1668, Dryden 1690, H. von Kleist 1809, Giraudoux 1929 zijn de bekendste). In de beeldende kunsten komt A. zelden voor, Alcmene behoort tot de vaste figuren op de afbeeldingen van Heracles die de slangen wurgt.

Lit. K. Wernicke (PRE 1, 1572-1577 s.v. Alkmene). J. Escher (PRE 1, 1967-1969). H. W. Stoll (Roscher 1, 246-249 s.v. Alkmene; 321-324). - F. Stössl, Amphitryon. Wachstum und Wandlung eines poetischen Stoffes (Trivium 2, 1944, 93-117). H. Jacobi, Amphitryon in Frankreich und Deutschland. Ein Beitrag zur vergleichenden Literaturgeschichte (Zürich 1952). [Nuchelmans]


mythen