Valentinus (midden 2e eeuw nC), gnosticus
(Gnosis).
Volgens Irenaeus
(Adversus haereses 3, 4,
3) zou hij vóór 140 naar Rome gekomen zijn en
daar tot ca. 155 zijn gebleven. Epiphanius (Haereses
31, 7-12) biedt enkele aanvullende gegevens, die
waarschijnlijk betrouwbaar zijn: over zijn geboorte
in Egypte, zijn opvoeding in Alexandrië en de verspreiding
van zijn leer in Egypte. Na zijn vertrek uit
Rome zou V. zich naar Cyprus begeven hebben. Hij
had zowel in het Oosten als in het Westen tal van
aanhangers; men spreekt van een italische en een
oosterse school. Tot de leerlingen van V. in het
Westen behoren Florinus, Ptolemaeus en
Heracleon, van de minder duidelijk eprofileerde
oosterse school maken Harmonius, Bardesanes
en Theodotus
deel uit. Een zestal fragmenten van
zijn werk zijn bewaard gebleven in de Stromateis
van Clemens van Alexandrië, nl. twee uit brieven,
twee uit homilieën en twee niet nader aangeduide
teksten. Tertullianus schreef een tractaat Adversus
Valentinianos.
Lit. Fragmenten in A. Hilgenfeld, Die Ketzer eschichte des Urchristentums
(Leipzig 1884) 292-307. W. Völker, Quellen zur Geschichte
der Gnosis (Tübingen 1932) 57-141. - H. Leisegang (PRE 7A, 2261-2273).
G. Bardy (DTC 15, 2497-2519). - Bardenhewer 1, 358-364.
Quasten 1, 260v. - C. Barth, Die Inter retation des Neuen Testamentes
in der valentinianischen Gnosis U 37, 3, Leipzig 1911). K.
Müller, Beiträge zum Verständnis der valentinianischen Gnosis
(Nachrichten der Gesellschaft der Wissensch. zu Göttingen 1920,
179-204). W. Förster, Von Valentin zu Herakleon (Giessen 1928.
G. Quispel, The Original Doctrine of Valentine (VC 1, 1947, 43-73).
E. Pagels, A Valentinian Interpretation of Baptism and Eucharist,
and its Critique of Orthodox Sacramental Theology and Practice
(HThR 65, 1 72, 153-170). G. Quispel, Origen and the Valentinian
Gnosis (VC28, 1974,29-42). - [Bartelink]